| Gebruik van lokaas bij het vissen op roofvis |
| vrijdag 12 februari 2010 | |||||
Zoals steeds wanneer iets mijn aandacht had getrokken, begonnen mijn grijze cellen te werken en ging ik dieper nadenken over dat thema. Zo kwam het idee om gericht te voederen met stukjes vis met het doel de roofvis te lokken en op de plaats te houden. Ik gebruikte daarvoor de vis die ik had gevangen en vermengde dit met enkele verse haringen of kleine makreel, dewelke ik dan in kleine porties in de vrieskast bewaarde. Deze porties vis ging ik dan enkele dagen lang ’s morgens op een op voorhand uitgezochte plaats uitstrooien. Deze plek was gewoonlijk aan de rand van een talud of in een grote kuil niet ver uit de kant. Op het eind van de week beviste ik dan de stek met een groot stuk haring of makreel omdat deze meer geur afgeven dan zoetwatervis. Ik gebruikte hiertoe een takeltje bestaande uit een dreg onderaan en een enkele haak wat hoger, gemonteerd op een stalen onderlijn. Deze takel werd dan op de lijn gezet, maar eerst kwam er op de lijn een schuiflood met daaronder een pareltje dat dienst doet als stopper. De dreg prikte ik dan in het dikste deel van het stuk vis en de enkele haak stak ik diep in het smaller deel (gewoonlijk het staartstuk) om gemakkelijk te kunnen werpen, dreg en de haak zitten hierbij alle twee langs dezelfde kant van het stuk vis. ![]() ![]() Na het inwerpen (gewoonlijk niet ver uit de kant) hield ik de lijn strak en liet het aas zo afzakken tot op de bodem, op deze mannier komt de dreg boven te liggen en niet onderaan waar hij ergens kan blijven haken. Niet vergeten dat aangezien het aas afzakt aan een strakke lijn, dit aas naar jou toe komt waardoor het korter bij op de bodem komt te liggen dan daar waar je het hebt ingeworpen (zie schets). ![]() Vervolgens ging de hengel in de steunen, de beugel van de molen open en de lijn werd met en stokje strak onder molen op de grond gelegd, het stokje deed tevens dienst als verklikker. Bij een aanbeet sprong het stokje weg en kon de lijn vrij van de spoel lopen. Om slikken te vermijden de hengel dadelijk uit de steunen nemen, de molen sluiten, wachten tot men de snoek voelt en aanslaan. Stopt de lijn met aflopen voor men de snoek voelt, dan gewoon langzaam opspoelen tot men contact heeft met de vis en aanslaan. Vandaag de dag kan men gerust gebruik maken van toeters en biepers zoals karpervissers dat doen om de aanbeet te registreren. ![]() Omdat ik op deze mannier gewoonlijk bij aanvang enkele vissen kon vangen en de rest van de dag geen staart meer zag ben ik dan begonnen met meerdere voerplekken aan te leggen (meestal drie of vier), dewelke ik dan de een na de andere beviste. Gewoonlijk zaten er op elke stek wel enkele vissen ( dikwijls niet de kleinste) waarvan er wel eentje honger had en die mijn aas pakte. Ik hoop dat ik jullie weer wat nieuwe ideeën heb bezorgd en wens jullie veel visplezier. Johnny Schots |
|||||
| < Vorige | Volgende > |
|---|





